Twentschekleurdwergstal.jouwweb.nl
Home » de kleurdwerg

de kleurdwerg

 

het kleurdwerg konijn:

Korte geschiedenis van het ras:

De kleurdwerg is in de jaren '30 in Nederland ontstaan door het kruisen van de Roodoog Pool en kleine wilde konijnen.
Het werd in 1938 voor het eerst op een tentoonstelling uitgebracht. In 1940 werd het ras officieel erkend. De Kleurdwerg komt in alle konijnenkleuren, uitmonsteringen en aftekeningen voor.
De Kleurdwerg is het meest gewilde konijn bij fokkers door zijn schattige voorkomen en diversiteit aan kleuren waarin het ras kan worden gefokt.

 Type en bouw

Het lichaam is kort, gedrongen, met zeer korte hals, (z.g. halsloos type), fraai ronde contouren en goed gevulde achterhand; de beentjes zijn recht en kort. De voeten zijn kort goed gesloten; het staartje is klein en smal en is nauwsluitend tegen de achterhand gedragen. Het gewicht bedraagt 0,8 tot 1,1 kg.

pels

De pels is iets korter dan normaal, zacht en glanzend, met veel onderwol. De ideale pelsconditie bij het tentoonstellingsdier is een geheel doorgehaarde pels, zonder dun behaard of kaal plekje. De verharing herkent men duidelijk aan het grannenhaar, het oude, afstervende en het nagroeiende, krachtig gekleurde haar is zichtbaar en te onderscheiden. Niet enkele in 't rond vliegende haren, maar flink loslatend haar is als verharing te beschouwen. De pels moet vol ingehaard, glanzend en aanliggend zijn.

kop en oren

De kop is bolvormig, met breed voorhoofd, sterk gebogen neusbeen, brede sterk ontwikkelde kaken en snuit. (De overgang van kaakpartij tot snuit is dus zeer geleidelijk). De ogen zijn groot en uitspringend. De oren zijn van een fijn weefsel, zij worden strak en zeer nauwsluitend gedragen. De inplanting is zo nauw mogelijk. Ze zijn smal van vorm en lopen geleidelijk in een lichtelijk afgeronde punt uit. Oortjes zijn van 4 tot 6 cm. De ideale orenmaat ligt omstreeks 5,2 cm. Ze zijn dicht, maar zeer kort behaard.

verzoring en lichaamsconditie

Het spreekt vanzelf, dat op een tentoonstelling of keuring het konijn in de beste conditie moet worden voorgebracht. Het lichaam goed bevleesd, gespierd, met andere woorden zo hard als een bikkel. Slappe, magere of te vette dieren zijn uit den boze. De nagels worden regelmatig evenwijdig met het loopvlak, zonder het "leven " te raken geknipt, ook de duimnagels. De nagels zijn vrij van mest en mestballen. De gehele pels alsook de voetzolen en binnenzijde van de oren en de geslachtsdelen moeten schoon zijn. De dieren worden vrij van klitten voorgebracht. Het oog moet helder zijn, tintelend van levenslust. Een dier dat ter keuring wordt aangeboden is goed getraind, zodat rasadel door een goede stelling wordt getoond.

De kleurdwerg is erkend in onderstaande kleurslagen.

Kleur: Haaskleur, Konijngrijs, IJzergrauw, Bruingrijs, Blauwgrijs, Bruingrauw, Blauwgrauw, Zwart, Bruin, Blauw, Geel, Oranje, Chinchilla en Feh-kleur.

Tekening: Lotharinger-tekening, Witte van Hotot-tekening, Japanner-tekening, Berken-tekening, Hollander-tekening (in de kleuren Konijngrijs, Blauwgrijs, Zwart, Bruin, Blauw, Madagascar) en Rus-tekening (in de kleuren Zwart, Bruin, Blauw).

Verzilvering: Midden zwart en Midden blauw.

Patroon: Madagascar, Isabella, Zilvervos Zwart, Zilvervos Bruin, Zilvervos Blauw, Donker sepia-bruin Marter, Midden sepia-bruin Marter, Donker blauw Marter, Midden blauw Marter, Midden geel Marter, Marterkleurig met Zilvervos-uitmonstering (Donker sepia-bruin marter, Midden sepia-bruin marter, Donker blauw marter, Midden blauw marter), Otter (in Zwart en Bruin) en Tan (in Zwart, Bruin, Blauw).

Haarstructuur: Vosbeharing (Alleen in de kleur wit met rode ogen) en Rexbeharing (in Zwart, Blauw, Donker sepia-bruin marter, Midden sepia-bruin marter).

  • puntentelling voor de keuring

 

1. Type en bouw 20 punten
2. Gewicht 10 punten
3. Pels en pelsconditie 20 punten
4. Kop en oren 15 punten
5. Dekkleur en buikkleur 15 punten
6. Tussen- en grondkleur 15 punten
7. Lichaamsconditie en verzorging   5 punten
  100 punten

 

2. Gewicht

Het gewicht bedraagt 0,8 tot 1,1 kg. Puntenschaal voor het gewicht:

 

Gewicht 0,8 kg 0,9 kg 0,95 à 1,05 kg 1,075 kg 1,1 kg
Punten 6 8 10 8 6

 

Lichte fouten

Geringe afwijkingen in type en/of bouw. Iets zware, vlezige of iets zwaar behaarde oren, iets afwijkende oorstand. Iets ronde oortoppen. Iets hoekige kopvorm of iets vlakke schedel. Iets insnoering tussen snuit en wangen. Iets grove benen. Iets lange of dunne benen. Iets lange of slappe pels. Voor wat de dekkleur, tussen- en grondkleur betreft, wordt verwezen naar de betreffende erkende kleurslagen (algemeen gedeelte) en/of naar de betreffende rassen. Bij de Kleurdwerg met Rustekening wordt een masker dat niet geheel de onderkaak omvat, niet als fout gerekend. Voor de Kleurdwerg met de Witte v. Hotot, Japanner en de Hollandertekening Tan en Voskonijn wordt verwezen naar de betreffende rassen. (Zie verder lichte fouten, algemeen gedeelte).

Zware fouten

Grove afwijkingen in type en/of bouw, zoals b.v. te grove benen, te zware vlezige oren, te wijde inplanting van de oren. Bijna geheelonbehaarde oren. Te lange of te slappe pels. Te lange dunne benen. Voor wat de dekkleur, tussen- en grondkleur betreft, wordt verwezen naar de betreffende erkende kleurslagen  en/of naar de betreffende rassen.

  • dit zijn de kleuren die wij fokken!

 

 Klik op foto voor groot formaat Klik op foto voor groot formaat

Midden sepia-bruin marter

 De kleur op de snuit, de oren, de rug en de boven- en buitenzijde van de benen en van de staart is donkersepiabruinkleurig. Deze rijke, donkere sepiabruinkleur gaat van snuit en rug geleidelijk over in een lichtere nuance op wangen, voorhoofd, borst, schouders, flanken en schenkels, zonder vlekken of strepen. Ook de onderkaak is licht sepiabruinkleurig. Een diep gekleurde rugpartij met geleidelijke overgang in een lichtere nuance sepiabruinkleur wordt vereist. Borst, onderzijde schouders, flanken, schenkels en buik zijn dus licht sepia- bruinkleurig. De snorharen zijn bruin, en de nagels zijn hoornkleurig tot donkerhoornkleurig. De oogkleur is donkerbruin, onder bepaalde belichting toont zij een rode gloed. Hoe dieper de dekkleur zich tot de wortel uitstrekt (tussenkleur), hoe beter. De grondkleur volgt zoveel mogelijk de dek- en tussenkleur; ook de buikkleur moet nog enigszins sepiabruinkleurig opblazen.

 

Madagascar

 De dekkleur is geelbruin. De dekharen zijn zwartachtig gepunt, met dien verstande dat er een lichte waas ontstaat die het gehele dek omvat, zonder dat deze te donker wordt. De buikkleur en sluier zijn meer donker zwartachtig gekleurd welke zich uitstrekt over de snuit, oren, borst, benen, onderste gedeelte van de schouders, flanken, achterhand, bovenzijde van de staart en de buik. De grondkleur aan de buik is creme tot wit. Onderzijde staart is donker gekleurd. De snorharen zijn donker gekleurd. De nagels zijn donkerhoornkleurig. De oogkleur is donkerbruin. De tussenkleur is geel en wordt naar de haarwortel lichter. De grondkleur is creme tot wit.